Dood is: ‘Hij doet het niet.’

Dood is: ‘hij doet het niet’ 

Tim, 2.5 jaar oud, zou een broertje of zusje krijgen en keek daar samen met zijn vader en moeder enorm naar uit. Hij streelde mama over de buik en gaf er een kusje op. Op de peuterspeelzaal vroegen ze hem wat het zou worden – een meisje of een jongen. Zijn ouders hadden hem dat niet verteld want zij wilden dat voor zichzelf houden. Maar Tim wist het toch wel: ‘Een meisje met een piemel,’ en dat had hij helemaal zelf bedacht.

Bij de geboorte ging er jammer genoeg iets heel erg mis en de ouders kwamen met het dode kindje thuis. Tim werd niet weggehouden, integendeel. ‘Wat is hij lief’, zei hij, maar hij doet het niet.’  ‘Nee,’ vertelden zijn ouders, ‘hij doet het niet, en daarom is hij koud.’ Tim streelde  het kindje en probeerde een oplossing te vinden: het kindje moest extra veel kleertjes aan en de  verwarming moest hoog. Het hielp niet. Toen riep hij: ‘Nieuwe batterijen!’ Zijn ouders vertelden hem dat er geen batterijen voor dode baby’s bestaan. De volgende dag deed het kindje het nog niet en de dag daarna ook nog niet. Ze moesten het begraven. Natuurlijk ging Tim mee. Zo af en toe liep hij naar het kistje toe en ging dan weer terug naar zijn plaats naast papa en mama. Ze hebben afgesproken dat iemand hem even mee naar buiten zal nemen voor  het geval hij te onrustig mocht worden. Daardoor hoeven de ouders niet op hem te letten.

We steken lichtjes aan – papa en mama en Tim. En daarna doet iedereen eraan mee.

Op het kerkhof gooit ook hij met een eigen schepje zand in het grafje. Hij weet zelfs van geen ophouden; gaat door tot zijn moeder geëmotioneerd zegt: ‘Zo is het wel genoeg.’

Een half jaar later weet hij nog dat hij een lichtje voor zijn broertje heeft aangestoken.

Hij gaat ook wel eens mee naar het kerkhof, en dan maakt hij samen met zijn ouders het grafje schoon. De eerste keer werd hij wel kwaad toen zij de speeltjes en de knuffels pakten: ‘Dat mag jij niet, dat is van mijn broertje!’ Maar toen ze hem uitlegden dat het alleen maar was om het schoon te maken vond hij het goed. Ze vroegen hem of hij mee wilde helpen. En als ze langs het kerkhof rijden roept hij: ‘Dag lief broertje, straks kom ik je weer bij je.’  Nog maanden later vertelde hij dat zijn broertje begraven is omdat ‘hij het niet meer doet’, en dat hij een lichtje had aangestoken en zand in het grafje had geschept.

Hij zal in de loop van de tijd ‘vergeten’ wat er in dat bewuste jaar is gebeurd – de concrete herinnering zal vervagen. Maar hij is er wel bij betrokken geweest, met hoofd, hart en handen, en die ervaring neemt niemand hem af.

Tegelijk was hij op zijn manier een enorme steun voor zijn ouders.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s